De Nederlandse WGA-vervolguitkering is in strijd met ILO-verdrag 121, een bindend internationaal verdrag van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO), onderdeel van de Verenigde Naties.
Dat staat centraal in een nieuw bezwaar tegen een beslissing van het UWV.
Van € 3.261 naar € 1.164 per maand
Een arbeidsongeschikte ontvangt momenteel een loongerelateerde WGA-uitkering van ongeveer € 3.261 bruto per maand.
Het UWV heeft betrokkene ingedeeld in de arbeidsongeschiktheidsklasse 65-80%.
Na twee jaar loopt deze loongerelateerde uitkering automatisch af. Vervolgens zet het UWV de uitkering om naar een WGA-vervolguitkering van ongeveer € 1.164 bruto per maand.
Dat is een inkomensdaling van ruim 64%.
Daarbij is niets verbeterd:
- de medische situatie is hetzelfde,
- nog steeds 65-80% arbeidsongeschikt,
- werkt niet,
- en beperkingen zijn onveranderd.
De verlaging gebeurt uitsluitend omdat de periode van twee jaar eindigt.
In strijd met ILO-verdrag 121
ILO-verdrag 121 verplicht landen om arbeidsongeschikten voldoende inkomensbescherming te geven.
Het verdrag bepaalt onder meer dat:
- uitkeringen in een billijke verhouding moeten staan tot het verlies aan verdiencapaciteit,
- en dat arbeidsongeschikten niet in armoede mogen belanden terwijl hun arbeidsongeschiktheid voortduurt.
Dat gebeurt in Nederland juist wel.
De betrokken arbeidsongeschikte verliest bijna twee derde van het inkomen terwijl volgens het UWV nog steeds de zware arbeidsongeschiktheidsklasse 65-80% van toepassing is.
Volgens het bezwaar verdwijnt daarmee de inkomensbescherming terwijl de arbeidsongeschiktheid blijft bestaan.
Onder de armoedegrens
Na de verlaging komt de arbeidsongeschikte:
- onder de bijstandsnorm,
- én onder de officiële Nederlandse armoedegrens terecht.
Internationale toezichthouders waarschuwen hier al jarenlang voor.
Het Comité van Deskundigen van de ILO stelde al in 2011 dat de Nederlandse WGA-vervolguitkering leidt tot bestaansonzekerheid en armoede. Ook de vakbonden hebben dit bij de overheid aangekaart.
De Nederlandse overheid wist dit dus al meer dan veertien jaar.
Geen activering, maar verarming
De overheid verdedigt de WGA-vervolguitkering met het argument van “activering”.
Maar iemand die nog steeds 65-80% arbeidsongeschikt is en feitelijk niet kan werken, wordt door een inkomensverlaging niet geactiveerd.
Die wordt alleen armer gemaakt.
Principiële zaak
Het bezwaar stelt daarom niet alleen dat deze verlaging onrechtmatig is, maar ook dat de Nederlandse WGA-vervolguitkering zelf in strijd is met internationale verdragen en fundamentele rechten.
De zaak raakt daarmee duizenden arbeidsongeschikten die na afloop van hun loongerelateerde WGA-uitkering financieel instorten terwijl hun gezondheid niet verbeterd is.
